StamboomLaurentii.jpg

 

 

Blog - De Krankenboshoeve in Beerzel, een stukje geschiedenis

Begin 2016 verhuisden Bart Boeren en Liesbet Lauwens naar de "Krankebosschehoeve" in Beerzel bij Putte. Meteen een aanleiding om eens wat onderzoek te doen naar de geschiedenis van deze hoeve. Er zijn alleszins geen erfgoedgegevens beschikbaar op deze locatie, zoals die er wel zijn voor de oudere naamverwante hoeves in de streek in Putte en Bonheiden.

 

20160112_Compromis (11).jpgDe Kranke(n)boshoeve1

De hoeve bevindt zich nabij de zogenaamde "Krankebossen"2, momenteel een natuurgebied vernoemd naar haar historische eigenaar, de instelling van de Mechelse begijnen van het convent LeliŽndaal die instonden voor de verzorging en opvang van zieken en gekwetsten. De Krankebossen liggen ten noorden van de Beerzelberg, een 51 meter hoge getuigenheuvel, die pal op de waterscheiding tussen het Dijle- en Netebekken ligt. Ze vormen het kwelgebied van deze berg. De Krankenboshoeve ligt aan de Bosstraat, terwijl het natuurgebied "de Krankebossen" toegankelijk is via de aanpalende Berkenstraat.

20160112_Compromis (24).jpgUit een vergelijkende studie met de zogenaamde Ferrariskaart van 1778, blijkt er toen op deze plaats nog geen gebouwen voorkwamen. Ook op de Popp-kaarten van 1842-1879 komt de hoeve niet voor. De bouwstijl van de hoeve laat vermoeden dat deze uit het begin van de 20e eeuw stamt. Het wagenhuis [zie afbeelding hiernaast] is mogelijk een restant van een ouder gebouw, maar dat kan dan ten vroegste uit de 19e eeuw dateren. Momenteel kunnen we er enkel van uitgaan dat de oorsprong van dit gebouw uit dezelfde tijd is als de oorspronkelijke hoeve bebouwing - zijnde begin 20e eeuw.


 

Vergelijking met de kaart van Allard van 1688

De "Krankenbossen" maakten deel uit van een toen nog omvangrijk bosgebied bij Beerzel. De begijnen van Mechelen gingen er naar verluid op uitstap met de zieken ("kranken").

Vergelijking met de Fricx-kaart van 1712

In 1712 maakte de omgeving van de Bosstraat (zie markering "1") nog deel uit van een bos, ook al werd de omgeving op dat moment steeds meer ontgind voor landbouw.

Die situatie zag er al beduidend anders uit in 1778 (Ferraris kaart, zie markering "2"):

En bleek nauwelijks gewijzigd tussen 1842 en 1879 (Popp-kaart, markering "2):

Een ander ijkpunt is een luchtfoto van 1971 (zie markering "2") waarop de hoeve duidelijk is te zien, en een begin van woningbouw rondom die inmiddels nog is uitgebreid.

Vergelijking met de Ferrariskaart van 1778 en hedendaags plan van 2016

Uit een vergelijking blijkt dat er in 1778 geen gebouwen op deze plek aanwezig waren. In het geel bij benadering het (toekomstig) tracť van de Mechelbaan.

Bij benadering de situering van het domein op de oude Ferrariskaart (1778), en de situering van het domein op Google maps (2016).

 

De Krankebossen in Beerzel

In Putte beheert de Natuurpunt afdeling De Putter dit natuurgebied, net als de Peulisbossen, De Hoge Beemortel en de Grote Vijver van 'Klein Boom'.

In de Krankebossen wisselen natte en drogere delen elkaar af. Vroeger deden de droge delen dienst als akker. Vochtigere terreinen werden ingenomen door bosjes en natte hooilanden. Ook vandaag is deze structuur nog grotendeels aanwezig en deze is ook herkenbaar in de grondverdeling van het domein van de Krankenboshoeve in bouw- of akkerland en hooi- of weideland. Het eigenlijke natuurgebied is gelegen in de brongebied van de Itterbeek. In deze bossen ontspringt de Itterbeek.

Het bos is speciaal vanwege het 'kwelwater'. Dat is grondwater vooral afkomstig van Beerzelberg dat onder druk naar de oppervlakte komt. Kwelwater bevat mineralen uit de bodem, zodat er heel wat bijzondere planten groeien die in een gewoon bos niet voorkomen. In de Krankebossen herken je het kwelwater aan de roestige kleur in bepaalde beken. De natte stukken van het gebied zijn begroeid met bos of hooilanden en worden afgewisseld met droge plaatsen, vroegere akkers.

Bijzondere planten zijn dotterbloem, holpijp, egelboterbloem, wilde bertram, watermunt, scherpe zegge, valse voszegge en moeraszegge. Bijzondere diersoorten zijn ree, steenuil, bosrietzanger, roodborsttapuit, roerdomp, oranjetipje, koevinkje, glimworm en grootoorvleermuis.

De Krankebossen liggen ten noorden van de Beerzelberg en zijn bereikbaar langs een pad vertrekkend vanuit de Berkenstraat (ter hoogte van huisnummer 34). Vanop het pad zijn de hooilanden mooi te overzien, inclusief de zone met dotterbloemen.

fietsknoopkaart

Bezittingen van de Mechelse Begijnen in Putte en Bonheiden

Van de Krankenboshoeve kunnen we er van uitgaan deze op de gronden ligt die tot het bezit van de Mechelse Begijnen behoorden, net zoals de nabij gelegen Krankebossen. Maar de hoeve is niet van deze periode en blijkt pas eeuwen later te zijn gebouwd dan de naamverwante hoeven die in het bezit waren van de Begijnen, zoals de geklasseerde Grote, Kleine en Nieuwe Krankhoeve. De Krankebossen strekten zich met omliggende weiden in vorige eeuwen uit tot een ruimere omgeving dan het thans bekende natuurgebied.

Tot de bezittingen van de Mechelse begijnen van het Convent 'Godshuis van LeliŽndaal' behoorden onder meer ook het land Plettenbroek in Putte [Verkocht door Jan Wijts in 1509 blijkens een Schepenbrief van Antwerpen], het Groot Heiveld in Putte [Schepenbrief van Befferen: de Infirmerie van het Klein Begijnhof geeft in 1685 procuratie aan Peter Van den Eynde om een erfelijke rente in ontvangst te nemen: 400 gulden kapitaal op Het Groot Heiveld onder Putte, naast het goed van Pitsemburg].

 

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/afbeeldingen/149079?size=fullDe Grote Krankhoeve in Peulis

De hoeve mag niet worden verward met de Grote Krankhoeve aan de Krankhoevelei 2 in Putte. Die hoeve is geklasseerd en bevindt zich in de omgeving van de Peultenbossen in deelgemeente Peulis.

De Grote Krankhoeve is gelegen op de hoek met de Mechelbaan en heete in de 14de eeuw ook "Hof ter Paelt" en in de 15de eeuw ook "Ter Beke" naar de nabij gelegen Paeltbeek of Zennekensbeek. Evenals de "Kleine Krankhoeve" en de "Nieuwe Krankhoeve"in Bonheiden, was de hoeve een bezit van het Krankenhuis van de Mechelse begijnen en omwille van de uitgestrekte landbouwgronden te Peulis, Bonheiden en Onze-Lieve-Vrouwe-Waver, werd deze hoeve de "Grote Krankhoeve" genoemd. Het is niet duidelijk wanneer deze hoeve in het bezit kwam van de Mechelse begijnen, maar de hoeve werd al vermeld in hun oudst bewaarde cijnsboeken van 1340. In een huurcontract van 1549 is sprake van een woonhuis, " 't cleyn huyske", een wagenhuis en een schaapskooi;in 1578 worden tevens een schuur, een varkenskot en een veulenstal vermeld en in 1653 nog een kaashuis. In 1661 werd een, blijkbaar losstaande, stal herbouwd in steen door metser Antoon Stessens. In 1714 bouwden Peter en Jan Stessens, samen met Jasper van Biscom, de huidige hoeve; als steenhouwer van de gekapte zandsteen wordt Jacobus De la Hey vermeld.

 

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/afbeeldingen/149080?size=fullDe Grote Krankhoeve omvat een woonstalhuis met parallel een wagenhuis die zich ten noorden en ten zuiden van een aarden erf bevinden, ingeplant op een gedeeltelijk omhaagd domein op de hoek van de Krankhoevelei en de Mechelbaan met grote, deels met gras begroeide siertuin ten noorden en rest van een boomgaard ten noordoosten. Er is ook een waterput bewaard. Het gaat om een verankerd bakstenen woonstalhuis van zeven traveeŽn en ťťn bouwlaag onder een afgewolfd zadeldak (nok evenwijdig aan straat, Vlaamse pannen) dat slechts deels zichtbaar is omwille van een later aanbouwsel. In de zuidelijke achtergevel prijkt hetjaartal "1714" in gesinterde steen. De hoeve is geklasseerd en bevat aangepaste, rechthoekige, deels getraliede en beluikte, muuropeningen onder houten lateien en rondboogdeurtjes, de laatste aan achtergevel met imposten en sluitsteen van zandsteen. Aan de noordzijde bevindt zich nagenoeg centraal een latere schoorsteen. Er zijn verspringende, onder meer latere aanbouwsels links, terwijl de zuidelijke achtergevel gekalkte steigergaten heeft, een rondboognisje onder een bekronend kruis en sporen van een vroegere korfboogpoort. Aan de oostgevel van vier traveeŽn zijn duidelijke sporen van verbouwingen met voormalig witgekalkte hoekblokken, terwijl de noordelijke travee een opkamer heeft die getralied en beluikt is. Er is een witgekalkt kruiskozijn van zandsteen boven een rechthoekig keldervenster.

 

Het wagenhuis of "karrenkot" is verankerd in bakstenen en heeft drie traveeŽn en ťťn bouwlaag onder een zadeldak (nok evenwijdig aan straat, Vlaamse pannen), en rondboogpoorten.

De hoeve kwam in 2007 in het bezit van de Mechelaar Alexander Laquiere en werd in 2010 opnieuw verkocht en beheerd door de vzw Kempens Landschap samen met het gemeentebestuur van Putte.

 

De "Kleine Krankhoeve" in Bonheiden

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/afbeeldingen/143997?size=full

De "Kleine" aan de Grote Doelstraat 1 in Bonheiden. Deze was eertijds gelegen aan de rand van de heide en werd voor het eerst vermeld in 1508 toen de al bestaande hoeve verkocht werd aan het Krankenhuis van het Mechelse begijnhof die ook de hoger vermelde "Grote Krankhoeve" in Peulis (Putte) bezat. Na de Franse Revolutie kwam de hoeve onder het beheer van de Burgerlijke Godshuizen van Mechelen en in 1888 werd de hoeve verkocht aan baron de VriŤre, eigenaar van het kasteel Zellaer (Bonheiden). In 1951 kwam de hoeve door erfenis in handen van baron G. Orban de Xivry, die het goed in 1971 verkocht aan de gemeente bonheiden. In 1981 werd de hoeve door de gemeente gerestaureerd en ingericht als ontmoetingscentrum voor sport en cultuur naar een ontwerp van H. De Keye.

De "Nieuwe Krankhoeve" in Bonheiden

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/afbeeldingen/144037?size=fullDe "Nieuwe Krankhoeve" in Bonheiden ligt op het einde van een aarden kastanjedreefaan de Putsesteenweg 385 in Bonheiden. Net zoals de "Kleine Krankhoeve" en de "Grote Krankhoeve" (Putte/Peulis) behoorde deze aan het Krankenhuis van het Mechelse begijnhof. In 1696 of 1697 werd deze in steen opgericht op het Bonheidens deel van het zogenaamd "Putveld" van de Grote Krankhoeve in Peulis. Blijkbaar verving dit gebouw geen bestaande houten of lemen hoeve. Een eventuele voorganger te Zellaer-Bonheiden was, volgens een voorzichtige veronderstelling van E. Raes, een in 1476 vermelde, hoeve van de kranke begijnen die nadien niet meer voorkwam in de archieven, mogelijk omwille van verwoesting tijdens de oorlog tegen Maximiliaan van Oostenrijk. Dit kan ook een verklaring zijn voor het uitzonderlijk uitgestrekte grondbezit van de Grote Krankhoeve, onder meer te Zellaer.

Genealogie Laurentii

Numquam solus incedes

 

 

Inhoud

Blog

Documenten

Foto's

Gezinnen

Stamboom

Startpagina

Thematisch

Verhalen

Verwante families

 

 

 

Voetnoten

 

1 De etymologisch correcte Nederlandse naam zou "Krankenboshoeve" moeten zijn. Het gaat immers niet over "het zieke bos" dan wel over het bos waar de zieken van het hospitaal van de Mechelse Begijnen van het convent van LeliŽndaal van de gezonde buitenlucht konden genieten.

2 In notariŽle akten werd de naam soms foutief geschreven als "Frankebossen".