Shield_VHC.jpg

 

 

Verhalen 1657 - Oprichting van het brouwhuis Lauwens - Van Eijcke (Werchter)

In een Werchterse akte van 18 december 1657 legde Peter Lauwens 'de oude' een verklaring af over zijn zoon Peter Lauwens en diens echtgenote Marie Paeps alias Van Eycke. Het koppel had samen een brouwerij of brouwhuis opgericht op hun kosten, "zonder dat hij ierste (de oude) daertoe een stuiver heeft uitgegeven".

Er moet een vroegere brouwerij geweest zijn op de plaats waar de nieuwe werd opgericht, maar die was volgens Peter 'den ouden' in verval want "niet meer en conde blijven staen door dijen alle het hout ende materialen van tvoors brauhuijs door auderdom geheel geconsumeert ende versleten was". Daarom had Peter de oude aan Peter de jonge toelating gegeven om het oude brouwhuis af te breken en een nieuw brouwhuis te bouwen.

Zo lang Peter de oude leefde, kon de zoon er over beschikken. Bij het overlijden van Peter de oude, zou bij deling van het huis en het goed, waaronder het brouwhuis viel, dit mogelijk moeten worden afgebroken. In dat geval werd afgesproken dat het houtwerk zoals "die keperkes afhanck ende eenig ander houters" bij een timmerman moeten worden geschat. De helft van de erfenis zou dan immers toekomen aan Aart Van Hove, en de andere helft aan Peter de jonge. Aart Van Hove was op 28 juli 1641 te Werchter gehuwd met Liesbeth Lauwens, geboren op 26 november 1619 te Keerbergen als dochter van Peter Lauwens en Johanna Van Eycke (zus van Peter de jonge).

Verder verklaarde Peter de oude ook dat het oude houtwerk aan een hok en een stal werd verbrand, en dat het brouwgereedschap zoals een ketel en een koelbak aan Peter de jonge werd verkocht. Het gezin Lauwens - Van Eijcke bleek relatief welstellend. Peter Lauwens en Marie Paeps alias Van Eijcken hadden heel wat land, onder meer aan 'de Cruijce' (dat zij blijkens een akte van 6 november 1658 voor een jaarlijkse rente bepanden ten behoeve van de paters Augustijnen te Mechelen), aan de Leempoel (o.m. koop van 10 mei 1662 van Karel de Caele en Marie Van Aerschot), te Bexem (o.m. koop van 23 januari 1664 van twee dagwand en half land van Corneel Van Aerschot en Margriet Briers), 'in 't varent', aan de Lauwstraat, op de Bremberg, onder meer uit een erfenis van Peter Lauwens de oude die gehuwd was met Marie Van Tongel (o.m. akte van 19 februari 1664). 

Het zag er naar uit dat de brouwerij nadien aan de zoon van Peter Lauwens de jonge zou toekomen, André Lauwens. André's moeder, Marie Van Eycke, zou in tragische omstandigheden om het leven komen toen zij haar jongste zoon Antoon ging bezoeken, die op 9 april 1668 te Rotselaar was gehuwd met Jeanne Vanden Panhuijsen. Deze (klein-)zoon André Lauwens huwde met Marie De Wijngaert, en diens zoon Peter Lauwens zou nadien huwen met de brouwersdochter Marie Van Den Panhuijsen.

 

Ook Marie De Wijngaert kende de brouwersstiel van thuis uit. Een akte van 29 september 1644 bepaalde dat Marie Holemans, weduwe van Jan Van Lantrop (meier van Werchter), aan Willem De Wijngaert een schuur met brouwerij en boomgaard verhuurde te Werchter aan de Verbeenstraat. Marie De Wijngaert was een dochter van Willem De Wijngaert en Katrien Van Aerschot, en een kleindochter van Jan De Wijngaerder en Lucie Van Lantrop.

 

 

http://vandersloten.be/media/Gebouwen/BrouwerijJacob01.jpg

Afbeelding: de bekendste brouwerij van Werchter is de brouwerij “Jack-Up” (ook De Palmboom) 1  

 

Marie Holemans verhuurde nog op 7 november 1657 een huis en hof met stalling en brouwerij in de Heerenstraat en het Werkstraatje, gelegen aan de Dijle en aan de kerk, aan  Corneel Van Nuffelen. Zij had blijkbaar de gewoonte om gebruiksrecht te houden voor delen van het verhuurde goed: bij Willem De Wijngaert behield zij het gebruik van de kelder en een kamer en de helft van een spinnerij in 1644, bij Corneel Van Nuffelen behield zij het gebruik van de bovenkamer en de helft van een kamer 'aan de afganck' om haar fruit te leggen uit de boomgaard ("de helft van de raboelinckboom en drie zakken appelen als zij wel zijn gewassen, anders een paar korven naar advenant het fruit wel gelukt is").

Genealogie Laurentii

Numquam solus incedes

 

 

Inhoud

Blog

Documenten

Foto's

Gezinnen

Stamboom

Startpagina

Thematisch

Verhalen

Verwante families

 

 

 

Voetnoten

 

1 De brouwerij werd opgericht door de familie Van Roost in 1869. Men bleef er actief tot 1967, toen ze werd overgenomen door Brouwerij Artois, die in 1988 zelf opging in Interbrew. Ze was vooral bekend om zijn lambiek dat verkocht werd onder de naam Jack-Op. Na de sluiting werd het verder geproduceerd door Interbrew, tot 2008. In 2010 besloot Inbev om opnieuw de Jack-Up op de markt te  brengen. In de 17e eeuw kregen de brouwerijen concurrentie van onder meer koffie en thee, alternatieven voor het flauwe “fluitjesbier” dat werd gedronken ter vervanging van ontbrekend drinkbaar water. Vanaf de 19e eeuw oogsten geïndustrialiseerde brouwerijen zoals de stoombrouwerij van Roost opnieuw succes. In die tijd kwam ook brouwerij Mena op in Rotselaar.